52 dagen naar Timboektoe

Het iconische verkeersbord met deze tekst stond aan de zuidrand van Zagora, Marokko, daar waar de woestijn begon. Wie zijn koopwaar hier honderd jaar geleden op een Arabian camel (dromedaris) liet vervoeren, dwars door de Sahara, deed er minimaal drie maanden over. Meestal langer.

In mijn studententijd stond een reis naar Timboektoe bovenaan in het avonturenparadijs, ver voordat het ontluisterende begrip ‘bucket list’ zijn intrede deed. En dan het liefst in een nog niet al te aftandse Peugeot 404. Die waren goud waard in het toenmalige France- Afrique en met de opbrengst kon je terugvliegen naar huis. Gratis vakantie.

Van Zagora naar Timboektoe

Reizen is efficiënter geworden en heel vervuilend. Tegen de duurzaamheid van een kameel of dromedaris kan geen enkel vervoermiddel op. Tijdens de rit gebruikten de Toeareg de melk als belangrijk voedingsmiddel, het leer van de huid voor zadels en het vlees van hun dierlijke compagnons voor weken foerage als zijn dagen gekomen waren.

Toen had nog niemand van Cradle-to-Cradle gehoord, maar zij praktiseerden het wel.

Sterren, GPS en vrijheid

De Toearegs oriënteerden zich al drieduizend jaar in de woestijn op de sterren. Nu oriënteren we ons grotendeels op GPS. Het signaal daarvan kan opzettelijk gestoord worden, zo leert ons de oorlog in Oekraïne en is ook niet bestand tegen zandstormen.

De sterren van nu zijn nog steeds de sterren van honderd jaar geleden. Ze waren er al voordat de mensheid op aarde kwam. Het GPS-signaal maakt ons afhankelijk van de exploitant (US) en diens vijanden.

Ieder volk en iedere tijd kiest zijn eigen referentiepunten en zijn eigen vrijheid.  Over honderd jaar kunnen wij afhankelijk zijn van nieuwe technologieën en nieuwe heersers, die zelf de aarde ontstegen zijn, zich verschuilend in galactische ruimtekastelen.

Van paard-en-wagen naar laadstation

In het negentiende-eeuwse Londen werd de overlast van de stank en de uitwerpselen van de paardenkoetsen ondragelijk, ook toen was er al een mestprobleem en dat versnelde de opkomst van de zelfstandig aangedreven auto.

Oorspronkelijk zagen die er uit als een paard-en-wagen zonder het paard, zo gaat dat altijd met de start van grote innovaties. Het wegdenken van het paard was een grote eerste denkstap.

Nu investeert Meewind in een bedrijf (Leap24) met elektrische laadstations, die met internationale ambities ook al locaties in Groot-Londen heeft. Specialiteit: opladen van bestelbusjes.

Dit laat onverlet dat de echte ‘giant leap for mankind’ de auto en het busje ooit zal vervangen, ergens diep in de deze eeuw. Ter relativering: die quote was in de mond gelegd van Neil Armstrong, bedacht voor hem als de eerste man op de maan. Het kwam er wat haspelend uit.

Oases als laadstations

De Toearegs beheersten eeuwenlang de levensbedreigende routes door de woestijnen van West-Afrika. Ze brachten zout, textiel, dadels, gereedschap van Noord naar Zuid en goud, ivoor, huiden en leder van Zuid naar Noord.

Ook in die tijden had je laadstations, die heetten oases. Geen stroom, wel water. De dromedarissen konden honderd liter in tien minuten tanken. Met die honderd liter konden ze een week vooruit (ca 250 km). Dat was snelladen avant-la-lettre. (NB Het waren geen kamelen, die hebben twee bulten t.o.v. de dromedaris met een enkele. Kamelen verdroegen genetisch de hitte veel minder.)

Een gemiddelde nieuwe middenklasse elektrische auto op een snelweg kan in tien minuten ca 20 kWh snelladen (1/3 capaciteit), waarmee ca 150 km op asfalt kan worden gereden. Deze heeft het beslist minder zwaar, laadt trager en nog steeds haal je bij lange na het einde van de dag niet als je non-stop blijft doorrijden na een volgeladen batterij.

De dromedarissen van nu

De trotse stammen van weleer zijn nu zwaar bewapend met de uitverkoop van het gevallen regime in Libië in 2011. Dat heeft de mensheid geen goeds gebracht.

Als studentje van 22 kun je die reis in een overjarige Mercedes of Toyota Land Cruiser pick-up niet meer maken (daar rijdt de kleine lokale ondernemer nu in, de elite rijdt een moderne 4×4). Kansloos tegenover beroving en ontvoeringen door dominante jihadisten met nog veel meer automatische wapens uit het Gaddafi-depot en gesloten grensovergangen.

Maar over 10 jaar hebben de grote steden van West-Afrika beslist overal elektrische oplaadstations, het wemelt daar van de busjes. De bestelbusjes van nu zijn de dromedarissen van toen. Zullen ze ooit ook zo duurzaam worden?

Johan Swager

mede-oprichter Meewind  

Hij schrijft deze column op persoonlijke titel