Nieuwsbericht, 10 juni 2014
Reactie Meewind op de uitspraak van de commissie

Reclame Code CommissieDe reclame code commissie heeft een klacht ontvangen met betrekking tot de reclame uitingen van Meewind. De reclame-uitingen zouden oneerlijk en misleidend zijn.
Naar aanleiding van de ingediende klacht heeft de reclame code commisie het advies gegeven de betreffende reclame-uitingen niet meer te gebruiken.
Hoewel de termijn om hier tegen in beroep te gaan niet verstreken was is de voorlopige uitspraak besproken in een artikel van het Financieel Dagblad.

Onderstaand de openbare reactie op het advies van de reclame code commissie en het artikel van het Financieel Dagblad.

Communicatie over risico bij reclame
Door de AFM is wettelijk voorgeschreven welke uitingen verplicht zijn. Tevens dient de communicatie consistent te zijn.
De risicometer was tot voor kort een verplichte uiting, evenals de door de AFM opgestelde teksten. Meewind mocht hier derhalve niet van afwijken, hetgeen wij hebben opgevolgd.

Risico wettelijk kader
Vanaf de start van Meewind in 2008 tot aan 2012 was het risico volgens de risicometer van de AFM ‘zeer groot’.
In reclame-uitingen is deze risicometer, plus de verplichte tekst, altijd gebruikt.
Ter verduidelijking: in deze periode was elke belegging in aandelen volgens de AFM-richtlijnen een ‘zeer groot risico’ en een obligatie of garantieproduct een ‘klein risico’.
In juni 2012 is Europese regelgeving van toepassing geworden. Deze is gebaseerd op de standaarddeviatie (volatiliteit) van het historische rendement. Op basis van deze aangepaste richtlijnen valt Meewind in categorie 2 van 7, te weten ‘klein risico’.
De verplichte AFM-risicometer en daarbij behorende verplichte tekst is door Meewind volgens de regels gecommuniceerd.

Nieuwe richtlijnen AFM
Inmiddels heeft de AFM haar koers wederom gewijzigd, zoals uit onderstaand persbericht blijkt.

Tekst AFM d.d. 2 mei 2014
De beleggingsinstellingen waarvoor de risicometer minder geschikt is, hebben gemeenschappelijk dat ze (indirect) investeren in beleggingen waarin niet of weinig wordt gehandeld. Deze beperkte of ontbrekende handel maakt dat de schommeling van het historisch rendement (ofwel volatiliteit) van de belegging laag is. De volatiliteit bepaalt juist de stand van de risicometer. Hoe lager de volatiliteit, hoe lager de stand van de risicometer. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld fondsen die beleggen in beursgenoteerde effecten.
Een lage score op de risicometer – die geheel volgens de regels is berekend – geeft in een dergelijk geval slechts een beperkt beeld van de belangrijkste risico’s. Juist bij dit type fondsen is het dan ook belangrijk dat beleggers informatie als het prospectus en de Essentiële Beleggersinformatie raadplegen. Daarin staan de belangrijkste risico’s vermeld.

Oproep
Omdat het gebruik van de risicometer in deze specifieke gevallen beleggers een te beperkt beeld van de belangrijkste risico’s kan geven, verzoekt de AFM beheerders van beleggingsinstellingen die beleggen in illiquide activa, de risicometer niet langer op te nemen in reclame-uitingen. De AFM vraagt om de mededeling ‘loop geen onnodig risico, lees de Essentiële Belegginsinformatie’ wel op te nemen.
De AFM constateert dat de risicometer geen geschikt middel is voor het bepalen van het risico van illiquide beleggingen en verzoekt de risicometer niet op te nemen in reclame uitingen.

De AFM doet echter geen uitspraak of het risico hoger of lager zou zijn.

Risico en rendement: wat houdt dit feitelijk in?
Risico is een uitermate subjectief begrip. Een risicocategorie is per definitie te beperkt. Belanghebbenden dienen zelf hun afweging te maken.
Omdat de ervaring met de productie van windenergie op zee kort is, is er sprake van een nieuw risico. De diverse variabelen van inkomsten en uitgaven zijn echter dusdanig afgedekt met garanties, onderhoud en verzekeringen dat er sprake is van een beheerst risico.
Meewind heeft op haar site – naast de verplichte Essentiele Beleggers Informatie – ook haar eigen interpretatie gegeven aan de AFM-richtlijnen, door (potentiële) beleggers uitgebreid voor te lichten over rendement en risico’s. Nadere toelichting rendement en risico Zeewind 1

Het rendement (IRR, rendement op eigen vermogen) zal na aftrek van kosten de prognose van 7 tot 10% halen.

De term ‘voorspiegelen van rendement’ vinden wij derhalve een insinuerende opmerking, die zeker niet gepast is. Er is immers sprake van een goed onderbouwde en realistische prognose. 

Artikel op FD.nl

Artikel op FD.nl

Seawind Capital Partners B.V. is als beheerder van Meewind, paraplufonds duurzame energieprojecten, Fonds Regionaal duurzaam 1 en het Energie Transitiefonds opgenomen in het register van de AFM. Er zijn risico''s verbonden aan beleggen, de belangrijkste zijn opgenomen in het prospectus en de essentiële beleggersinformatie.


© Meewind 2018
Website Security Test